Veldhuizencursus
Het thema van 2025 is 'Punctiecytologie van hoofd hals: speekselklier, schildklier en liquor'
-
Dag 1, donderdag 6 november
-
-
-
Welkom door de Dagvoorzitter
-
-
-
-
Histologie en moleculaire veranderingen van speekselklier laesies
Meer informatie
Dr. S Koppes, patholoog EMC
-
-
-
-
Cytologie en van speekselklier tumoren, Milan classificatie, wat kan wel en wat kan niet met cytologie
Meer informatie
Dr. S Koppes en Dr .L. van Velthuysen, patholoog EMC
-
-
-
-
Pauze
-
-
-
-
Workshop speekselkliercytologie
-
-
-
-
Lunch
-
-
-
-
Benadering cysteuze laesies speekselklier en hals
Meer informatie
Dr. M. de Boer, patholoog, Pathologie-DNA
-
-
-
-
Workshop cysteuze laesies speekselklier en hals
-
-
-
-
Korte pauze
-
-
-
-
Liquor cytologie, mogelijkheden en randvoorwaarden
Meer informatie
Dr. R. Verdijk, patholoog, EMC, Rotterdam en Dr. M. de Boer UMCU
-
-
-
-
Workshop Liquor met halverwege korte pauze
-
-
-
-
Diner
-
-
-
-
Casuïstiek
Meer informatie
Door Nicole Samijo, Sandra Weeda, Remco Koning, Rob Hoogvorst
-
-
-
-
Traditionele borrel in Allegria 1-2
-
-
Dag 2, vrijdag 7 november
-
-
-
Welkom door de Dagvoorzitter
-
-
-
-
Een schildkliernodus: Wat nu? Een klinische benadering
Meer informatie
Prof. E. Visser, endocrinoloog, EMC
Het belangrijkste onderscheid dat gemaakt dient te worden is tussen een maligniteit of niet. Hoewel de incidentie van schildklierkanker stijgt t.g.v toegenomen beeldvormende onderzoeken, blijft de mortaliteit onveranderd laag op ongeveer 0.4%.
In de anamnese is het belangrijk te vragen naar klachten van hyperthyreoïdie (toxisch adenoom), familiair voorkomen van schildklierkanker en bestraling van het halsgebied.
Wanneer bij lichamelijk onderzoek sprake is van een palpabele afwijking in de schildklier, heeft deze meestal een diameter van 1,5 cm of meer. De bevindingen bij lichamelijk onderzoek zijn bepalend voor de klinische uitslag solitaire nodus of multinodulair struma. Fixatie en palpabele vergrote lymfeklieren komen niet vaak voor, maar verhogen de kans op schildklierkanker.
Een verwijzing naar de endocrinoloog is geïndiceerd bij elke klinische manifeste nodus in de schildklier.
Het initiële aanvullend onderzoek bestaat uit het bepalen van TSH in het serum. Indien het TSH onderdrukt is, is er sprake van een autonome (of toxische) nodus. Dan wordt er een schildklierscintigrafie verricht. Bij een normaal TSH vindt er vervolgens een echo van schildlier en hals plaats. Een echogeleide FNA (fine needle aspiration) vindt plaats o.b.v de TIRADS (Thyroid Imaging Reporting and Data System) classificatie. De patholoog categoriseert de cytologische uitslag volgens de Bethesda classificatie, hetgeen directe implicaties heeft voor het beleid.
Indien er sprake is van schildkliercarcinoom wordt er (afhankelijk van de grootte) gekozen voor een hemithyreoidectomie, of een totale thyreoïdectomie gevolgd door radio-actief jodium. Afhankelijk van het risicoprofiel wordt het TSH onderdrukt d.m.v. levothyroxine. Na een jaar vindt er een follow-up plaats om een nieuwe risicostratificatie vast te stellen: hiermee wordt de respons op behandeling geevalueerd. Dit heeft direct consequenties voor het verdere klinische vervolg.
-
-
-
-
De rol van cytologie voor management van schildklier laesies, basale histologische classificatie en Bethesda classificatie.
Meer informatie
Prof. F. van Kemenade, patholoog, Erasmus MC
Schildklierpuncties: de rol van de cytologie in management van schildklier laesie en gebruik van de Bethesda classificatie en de relatie met de histologie.
Cytologie van de schildklier wordt ingezet in de work-up van een schildkliernodus. Echografisch kunnen deze gemakkelijk worden vastgesteld maar de schildklier richtlijn beveelt enige terughoudendheid aan voor puncties: bij normale echo hoeft niet gepuncteerd te worden bij bv multinodulaire hyperplasie. Ook bij een solitaire nodus wordt afgeraden te prikken indien de nodus minder dan 1 cm is. Er vindt dus al een zekere selectie plaats van de aangeboden puncties.
De cytologie is vooral erop gericht om maligniteiten uit te sluiten, zodat een diagnostische lobectomie (hemithyreoïdie) achterwege gelaten kan worden. Tegelijk willen we met de uitslag, indien afwijkend, zo voorspellend mogelijk zijn voor wat betreft maligniteit. In een multidisciplinaire consensusmeeting, in Bethesda, in 2007, is afgesproken dat een cytologieuitslag op een vaste wijze een uitspraak moest doen over de kans op een maligniteit. Vrijwel alle landen hebben deze Bethesda classificatie gevolgd. Inmiddels is er een derde editie van de zgn. Bethesda System for Reporting Thyroid Cytopathology met enkele kleine aanpassingen tov de eerste editie. De voordracht zal met name gaan over de opzet van de classificatie met enkele typische voorbeelden. De ermee verbonden kwaliteitsborging (=risk of malignancy) wordt ook getoond. Tenslotte volgt een beknopte uiteenzetting over de histologie beelden (WHO-classificatie).
In de workshop zullen de ‘meer- en minder exemplarische beelden’ uit de werkelijkheid aan bod komen.
-
-
-
-
Korte pauze
-
-
-
-
Workshop basale schildkliercytologie
-
-
-
-
Voor 12.00 uur uitchecken
-
-
-
-
Lunch
-
-
-
-
Cytologie van incidentalomen in de schildklier; klinische consequenties
Meer informatie
Dr.B.M.van Hemel, UMCG
-
-
-
-
Workshop schildklier cytologie, incidentalomen en andere bijzonderheden
-