Congres Medische Microbiologie
AI, resistentie en infecties: dit speelt er in de medische micriobiologie
-
-
-
Ontvangst en aanmelding
-
-
-
-
Opening
-
-
-
-
AI in de Medische Microbiologie: wat er wel en (nog) niet kan
Meer informatie
Dr. Matthijs Berends, medisch epidemioloog-microbioloog, UMCG/Certe
AI biedt veelbelovende mogelijkheden voor de medische microbiologie, maar de vertaling van onderzoeksresultaten naar de klinische praktijk is complexer dan vaak wordt voorgesteld. In deze presentatie worden recente toepassingen van AI in de infectieziekten-epidemiologie belicht aan de hand van twee concrete projecten, en wordt de regulatoire context geschetst die implementatie op het lab bemoeilijkt.
Het eerste project richt zich op het voorspellen van de uitkomsten van ESBL ETEST-en. Hebben we die in de praktijk dan nog wel nodig? Het eerste project betreft BERT & ERNIE, een autonoom surveillancesysteem dat op basis van huisartsenteksten en taalmodellen vroegtijdig infectieziekten detecteert, zonder afhankelijkheid van diagnostische codes of laboratoriumuitslagen.
Tegelijkertijd plaatst de Europese Medical Device Regulation (MDR), in combinatie met de AI Act, hoge eisen aan AI-gestuurde medische software. Voor de medische microbiologie betekent dit dat zelfs goed gevalideerde modellen niet zomaar klinisch ingezet kunnen worden. De presentatie biedt een eerlijk beeld van wat AI in ons vakgebied momenteel wel en nog niet kan, en wat nodig is om de kloof tussen onderzoek en praktijk te overbruggen.
-
-
-
-
Legionella: klein, nat en onderschat
Meer informatie
Sjoerd Euser, klinisch epidemioloog & Paul Badoux, senior-analist
Referentielab Legionella, Streeklab Haarlem
Vrijdagmiddag, 16.30 uur: de telefoon gaat. De GGD hangt aan de lijn. Zojuist is een tweede patiënt met Legionella-pneumonie gemeld binnen een week, woonachtig in dezelfde plaats. Wat is hier aan de hand? Is er een gezamenlijke bron van infectie? Moet er bemonsterd worden? En zo ja: waar? En wie gaat dat doen?
Als nationaal Referentielaboratorium Legionella speelt het Streeklab Haarlem al sinds de grote Legionella-uitbraak in Bovenkarspel in 1999 een centrale rol in de bronopsporing in Nederland. In deze presentatie nemen we je mee in het traject van de eerste melding tot het opsporen en elimineren van de bron.
We laten zien hoe een bemonstering wordt opgezet en uitgevoerd, hoe water- en omgevingsmonsters in het laboratorium worden geanalyseerd, hoe Legionella-isolaten worden getypeerd en hoe deze gegevens kunnen helpen om mogelijke bronnen te koppelen aan patiëntisolaten.
Aan de hand van praktijkvoorbeelden krijg je een inkijkje in het complexe samenspel tussen brononderzoek en laboratoriumanalyse bij het opsporen van Legionella.
-
-
-
-
Koffie-/theepauze + standbezoek
-
-
-
-
Brucella: komt het van een geit, een rund of een hond?
Meer informatie
Dr. Daan Notermans, arts-microbioloog, RIVM
-
-
-
-
Lunchpauze
-
-
-
-
Het Epstein-Barr virus als aanjager van multiple sclerose
Meer informatie
Dr. Marvin M. van Luijn, Erasmus MC
Het Epstein-Barr virus (EBV) behoort tot de weinige virussen die 90-95% van de gezonde mensen hun hele leven met zich meedraagt. Dus een virusinfectie zonder uiteindelijke gevolgen. Multiple sclerose (MS) is hier één van de uitzonderingen op. Eén op de 1000 mensen krijgt MS, vaak jaren nadat ze geïnfecteerd raken met EBV. Het huidige idee is dat tijdens de primaire infectie, het afweersysteem te sterk reageert op EBV in een poging om het virus onder controle te krijgen. Met MS als het uiteindelijke gevolg. EBV is het enige virus dat hiertoe in staat is. We weten dat mensen met MS meer antistoffen produceren tegen EBV. Het is nog onduidelijk hoe EBV het afweersysteem verder verstoort en zorgt voor MS in een klein deel van de populatie. In deze voordracht zal ik uiteenzetten welke puzzelstukjes we door onderzoek hiernaar tot nu toe hebben weten te leggen.
-
-
-
-
Salmonella serotypering: hét startpunt van uitbraakonderzoek
Meer informatie
Linda Visser en Kim van der Zwaluw, RIVM
Voedselinfecties veroorzaken nog altijd een significante ziektelast in Nederland, ondanks goede hygiëne richtlijnen en toezicht op voedselveiligheid. Om besmette voedselproducten snel te identificeren en van de markt af te halen is een dekkende (inter)nationale surveillance van groot belang.
Het nationaal referentielab voor bacteriële voedselinfecties ontvangt jaarlijks ~2500 Salmonella isolaten vanuit de primaire diagnostiek voor aanvullende typering en nationale surveillance. Bepalen van het serotype blijft de eerste stap waarmee verheffingen worden gesignaleerd. Op basis van het serotype kunnen al voedselcategorieën worden aangemerkt voor brononderzoek, zodat de vragenlijsten voor de patiënt zo kort mogelijk blijven. We leggen uit hoe Salmonella getypeerd wordt en nemen jullie mee in de stappen die genomen worden om (inter)nationale uitbraken te bestrijden en de ziektelast te minimaliseren.
-
-
-
-
Koffie-/theepauze + standbezoek
-
-
-
-
De schaduwzijde van een kuurtje: als de oplossing een nieuw probleem veroorzaakt
Meer informatie
Dr. Wiep Klaas Smits, associate professor moleculaire biologie, LUMC
Antibiotica zijn lang beschouwd als de ideale oplossing voor alle bacteriële infecties. Sinds enige tijd zijn we ons echter bewust dat er bij een antibioticumbehandeling ook nevenschade kan optreden.
Een voorbeeld daarvan is een Clostridioides difficile infectie (CDI). Deze (vaak terugkerende) infectie kan ontstaan na antibioticumgebruik, maar wordt paradoxaal genoeg ook weer behandeld met antibiotica.
Resistentie tegen deze antibiotica neemt de laatste jaren toe. Hoe kunnen we voorkomen dat deze infecties terugkomen, en zorgen dat we patiënten effectief kunnen blijven behandelen?
-
-
-
-
Afsluiting, evaluatie en borrel met hapjes
-